Zeehonden bij Breskens
ONZE ZEEHONDEN, MAAR OOK ONZE VOGELS, HOE GAAN WE ER MEE OM?
Hele groepen zeehonden leefden van oudsher tot in de zestiger jaren van de vorige eeuw op de platen van de Westerschelde. In de daaropvolgende twee decennia (1970-1990) hebben we er geen gezien, in ieder geval niet op onze Hooge Platen en op de Plaat van Breskens.
Ook van oudsher voeren de boten uit onze jachthaven naar havens aan de Belgische kust, deden een rondje plaat of zeilden hun wedstrijdje op de rede van Vlissingen. Op rustige en zonnige dagen werd vaak met de familie een ankerplaats verkozen tegen de steile plaat met mooi, schoon zand in het vaarwater langs Hoofdplaat tegenover Nummer Eén. Van het kunstmatig aangelegde vogeleiland de Bol, ten oosten van wat nu de VH8 is, bleven we weg, hoewel we menige vreemde waterrecreant er nogal eens op moesten wijzen dat dit verboden gebied is.
In 1994 werd onze jachthaven flink uitgebreid tot een meer dan dubbele capaciteit. Daardoor werd het niet alleen wat drukker op het water, maar op die enkele mooie weekenddagen in het jaar ook drukker langs de plaat.
Omstreeks diezelfde tijd kwamen de zeehonden terug. Gewone en grijze zeehonden. En wat voor ons lekkere plekjes zijn om tegen de plaat te liggen, steile plaatranden en hard zand, de zeehonden hadden hetzelfde idee. Zeg maar tussen de VH 6 en 8 en ook westelijker daarvan.
Heeft de mens (in gecontroleerde mate) zonlicht nodig om zowel in een goed humeur als in goede conditie te blijven, de zeehond heeft zonlicht nodig om zijn pels in goede conditie te houden. In hoeverre de zeehond last heeft van de ozon gaten met een overmaat aan UV straling is mij niet bekend.
Aanvankelijk werd op andere plaatsen gezoogd. De Engelse oostkust voor de grijze zeehond en het wad voor de gewone zeehond. Maar de laatste jaren wordt ook op de Hooge Platen gebaard en gezoogd. De gewone zeehond half juni tot half juli en de grijze zeehond in november. Dit blijkt ook uit het toegenomen aantal huilers, jonge zeehonden die hun moeder zijn kwijtgeraakt en daardoor een minimale kans op overleven hebben.
Gestaag neemt de populatie toe. Ook worden steeds meer halftamme zeehonden waargenomen. Bekend is dat deze van de opvangcentra uit Blankenberge en Pieterburen komen, die de opgevangen huilers na herstel weer op hun oorspronkelijke vindplaats uitzetten. Ze zijn overigens goed voorbereid op een leven in de echte natuur. Toch blijft het een eeuwig punt van discussie in hoeverre dit soort acties de populatie gezond en sterk houden.
Ondertussen hebben we Europese regelgeving gekregen in Natura 2000, waar lidstaten en dus ook provincies aan moeten voldoen. Ook onze Provincie Zeeland kan hier niet onderuit komen met als gevolg beheersplannen en doelstellingen. We hebben allemaal kennis kunnen nemen van de gevolgen op ons (Zeeuws Vlaamse) landschap, vooral in de vorm van “wetlands”, waarop het in de winter goed schaatsen is, bij de toegang wordt het hek netjes voor ons open gemaakt, en waar veel watervogels en weidevogels zijn te zien, en ja, ook heel veel ganzen.
Moeten we dus al onze platen in de Westerschelde gaan afsluiten om de rust voor onze zeehonden te bewaren? Natuurlijk niet! Gelukkig kent onze provincie een grote mate van redelijkheid in het omgaan met onze natuur en onze mensen. De kunst is om een compromis voor iedereen te vinden. Hoewel niet iedereen, zeker aan het natuurpark Oosterschelde, het hiermee eens zal zijn.
En Het Zeeuws Landschap heeft de opstelling dat mensen, of het publiek als je het zo wilt noemen, ook de gelegenheid moet hebben met de natuur in aanraking te komen en ervan te genieten, om zo het besef bij de mensen te ontwikkelen dat goede natuur onontbeerlijk is voor een gezond en leefbaar milieu op aarde.
Na een ochtend vanuit de praktijk goed onderbouwde discussies en met respect voor elkaar zijn vertegenwoordigers van Rijkswaterstaat, de Provincie, Het Zeeuws Landschap, de Regio Deltawateren van het Watersportverbond en vertegenwoordigers van de WV Breskens en WV Hoedekenskerke, alle belangen eens langsgegaan. Het bleek onvermijdelijk om te gaan zoneren, dwz een deel van de platen voor de natuur en een deel voor de watersport te bestemmen. In het overleg werden we het tenslotte eens over een voor te stellen verdeling. Een en ander moet nog verder en preciezer worden uitgewerkt om in het Natura 2000 beheerplan te worden vastgelegd. Voor de platen tegenover Breskens, langs het Vaarwater langs Hoofdplaat ziet het er naar uit dat met name voor de natuur het gebied tussen de rode ton VH 8 en rode ton VH 14 belangrijk is. Dit leidt op die plek mogelijk tot een aanmeerverbod, een ankerverbod tot een aantal meters uit de oever en een beperking om op die plaats de plaat te betreden.Ook het waterskiën tussen de rode betonning en de platen zal in dit gebied waarschijnlijk beperkt worden. De betreding van de slikken zal vermoedelijk ook verder naar het oosten -ten oosten van de VH 20- nog worden ingeperkt. Gezien het ambtelijke voorwerk, de publiciteit en voorlichting en de gewenningsperiode voor ons allemaal gaan de maatregelen dit jaar nog niet in, maar wordt het wel 2012. Toch is het goed om er nu al op te wijzen en er rekening mee te houden. Uiteraard hebben we afgesproken om de maatregelen jaarlijks te evalueren.
Ter verdere verduidelijking, ter voorkoming van misverstanden en ter bevordering van begrip nog het volgende:
Natuurlijk kan er in de betonde geulen maar ook daar buiten gewoon gezeild en op de motor gevaren worden, ook gewaterskied. Het Vaarwater van Hoofdplaat en de oude Springergeul zijn en worden niet afgesloten.
De voorgestelde maatregelen zijn weliswaar in een zeehonden-overleg besloten, maar hebben ook betrekking op de populaties van vogels zoals de dwergstern, scholekster en plevieren en op hun broedplaatsen op de Bol.
De Bol kalft momenteel aan de zuidzijde af en ter compensatie voor de dwergstern biotoop zal aan de noordzijde van de Bol met behulp van palen en een stutscherm wat duinvorming worden gecreëerd.
NB
Het grootste gevaar voor de broedende vogels op de BOL is een kitesurfer met zijn kite die over de Bol heen vliegt. Bij zuiden wind dus. De kite wordt door de broedende vogels als een grote roofvogel gezien en zij vliegen in paniek op, hun broedsel of jongen achterlatend. En nog voor ze zijn teruggekeerd hebben de meeuwen zich al meester gemaakt van gemakkelijke prooien. Zodoende kan één kite-passage in één keer het hele seizoen te niet doen.
Natuurlijk moeten ook wij als kenners, recreanten, en actieve gebruikers van het gebied ook onze eigen verantwoordelijkheid nemen en op een vriendelijke wijze sociale controle uitoefenen.
Als de zeehonden toevallig op jouw favoriete plekje op de plaat liggen leg je boot er niet tussen. Houd een afstand van zo’n 150 m aan om tegen de plaat te gaan liggen.
En als je een fotograaf bent probeer er niet steeds wat dichterbij te komen.
Met een jetski of snelle motorboot vlak langs de plaat te varen is natuurlijk ook uit den Boze.
In al die gevallen zie je ze snel over het zand naar het water schuiven. In het water zijn ze op hun gemak en komen ze dichtbij naar je kijken. Op het droge voelen ze zich snel bedreigd, terwijl ze daar toch hun rust moeten halen en hun jongen zogen.
Vermijd nu al tegen de plaat te gaan liggen in de beoogde natuurzone tussen de VH 8 en de VH 14, ga op die plek ook niet ten anker liggen tussen de plaat en de betonning en ga er niet de plaat op.
Verder laat, ook op andere plekken op de plaat, geen honden uit, zowel voor de rust van de vogels als van de zeehonden. Zie je het toch gebeuren, spreek de hondenbezitter er op aan. Meestal hebben ze er nooit bij nagedacht. In de binnensteden van Gent, Brussel en Tilburg, om maar een paar steden te noemen, zie je tenslotte ook geen zeehonden en ook steeds minder mussen. Dus weten zij veel.
Conclusie: Met een beetje zelfdiscipline moet er op rustige en zonnige dagen aan de plaat een hoop te genieten blijven.
En dan maar hopen dat de RP (weet ik hoeveel) of de Jan van Gent niet langs komen met hun enorme hekgolven en onze rust verstoren.
Roy van Aller